Ouder worden aan de Costa del Sol

De Costa del Sol heeft ook wel de naam het Californië van Europa te zijn. Het is de favoriete bestemming van mensen die na hun pensionering graag in de zon willen wonen. Op oudere leeftijd heb je echter andere behoeftes, je hebt misschien zorg nodig en je familie en vrienden zijn niet altijd in de buurt. We gingen met lezers van diverse leeftijden om tafel zitten om met hen te praten over hun ervaringen, hun plannen voor de toekomst en vroegen hen of en hoe ze bepaalde zaken geregeld hebben.

Tekst & foto’s: Maria Kupers

Als Marjan Schut alle deelnemers aan deze sessie aan elkaar voorstelt blijkt al meteen dat iedereen een uniek verhaal heeft. Jan Ingenbleek was in Nederland al met vervroegd pensioen, het was zijn jeugddroom in Spanje te gaan wonen. Een droom die in eerste instantie helemaal niet zo leuk leek te zijn toen ze op een ietwat afgelegen villa in de Valle de Ebron woonden. Elvire Boitelle vertrok op haar achttiende voor het eerst naar Barcelona om daar te studeren en naderhand te werken. Na wat omzwervingen in andere landen kwam ze naar de Costa del Sol en werkte daar veertig jaar in het toerisme in diverse functies bij twee belangrijke Spaanse reisbureaus. Ze is nu gepensioneerd, woont alleen en is bijna nooit thuis vanwege het vele vrijwilligerswerk dat ze doet en de tijd die ze op de golfbaan doorbrengt. Peter van der Linden werkte zestien jaar in Spanje en ging twee jaar geleden met pensioen. Maar de droom om dan samen met zijn partner van de vrije tijd te genieten kwam niet uit. Zijn partner werd ernstig ziek en heeft langdurig zorg nodig. Daar is de rest van de tafel even stil van. Het wordt pijnlijk duidelijk dat het leven eigenlijk niet te organiseren is.

Later ga ik…
Mieke Feenstra runt samen met haar man Tom een makelaarskantoor. Zij gaat regelmatig naar Nederland, om familie en vrienden te zien en de cultuur in Amsterdam op te snuiven. “We hebben vrienden hier maar ik kan niet zonder mijn uitstapjes naar Nederland. Tom heeft dat niet zo, die zou ook hier blijven wonen als ik kom te overlijden. Ik niet, ik zou weer teruggaan. Als we ophouden met werken, wil ik gaan golfen en langere reizen maken, naar Azië en Zuid- Amerika. En als ik dan even door fantaseer dan zou ik graag een pied-a-terre in Amsterdam willen.” Jessica Runderkamp heeft nog even te gaan voor ze met pensioen kan maar ook zij zal dan veel op de golfbaan te vinden zijn. Samen met haar partner Frank is ze een jaar geleden naar Spanje gekomen. Ze zijn druk bezig hun zaak verder uit te breiden en in hun vrije tijd doen ze veel samen hoewel ze ook apart veel sociale contacten hebben. Jessica is dan ook niet bang dat ze op oudere leeftijd zonder sociaal vangnet zit. Geen van de deelnemers denkt dat ze helemaal alleen zullen komen te staan, Mieke merkt wel op dat het op latere leeftijd moeilijker is om diepe vriendschappen te sluiten maar dat geldt niet alleen voor Spanje, ook in Nederland is dat lastiger.

Kees Diks woonde met zijn partner Roger vijftien jaar aan de Costa de la Luz voor hij naar Torremolinos kwam. “De crisis sloeg daar hard toe en hier konden we allebei vrij makkelijk werk vinden. Het was een enorme omslag en hoewel we niet actief de Nederlandse gemeenschap opzoeken weten we wél dat deze bestaat en voor veel mensen van ‘levensbelang’ is.”  Hij heeft geen echte plannen voor zijn pensionering. “Misschien dat ik op een bepaald moment de zaak verkoop maar dan nog zal ik elke dag langskomen om een kopje koffie te drinken, ik vind het nog allemaal veel te leuk.”


En wat als?

Als je vol in het leven staat denk je eigenlijk niet aan wat er anders kan lopen dan je eigenlijk zou wensen. Vrijwel iedereen aan tafel heeft een privéverzekering voor ziektekosten, vooral om de wachttijden bij de openbare zorgvoorziening te vermijden. Maar ze weten ook dat, zodra er sprake is van ernstige aandoeningen, je het beste bij de Seguridad Social terecht kunt. “Wij hebben de diagnose en onderzoeken via de privéverzekering laten uitvoeren maar de arts daar raadde ons zelf aan om naar het Hospital Clinico in Málaga te gaan. Simpelweg omdat ze daar naar meer dingen kijken en een integraal plan opstellen in plaats van zich op één klacht te richten. Dus dat hebben we gedaan en zijn uitermate tevreden” vertelt Peter. Hij denkt erover de privéverzekering op te zeggen want de premies gaan fors omhoog naarmate iemand ouder wordt en vanwege zijn pensioen zijn ze ook al verzekerd via de Seguridad Social.

Kees vraagt Peter of zij al bekend waren met de Spaanse maatschappij en gezondheidszorg of dat ze pas dingen gingen uitzoeken toen er sprake was van ziekte. “We waren al op de hoogte van het reilen en zeilen hier, dat vind ik ook logisch. We zijn van plan hier oud te worden dus dan moet je echt wel de taal spreken en je in de maatschappij verdiepen. Het was voor ons dus makkelijk om onze weg te vinden.” Iedereen aan tafel blijkt op de hoogte te zijn van hoe de zaken hier gaan en als de nood aan de man komt vertrouwen ze er volledig op dat ze weten waar ze terecht kunnen voor de juiste hulp. Van het gezelschap is Elvire degene die het langst in Spanje woont. “Ik heb altijd tussen Spanjaarden gewerkt en voel me hier dus net zo op mijn gemak als dat ik dat in Nederland zou doen. In mijn familie wordt iedereen behoorlijk gezond oud en ik hoop dat dat ook voor mij geldt.”

Terug in geval van nood?
Mieke hoort vaak van oudere mensen in haar omgeving dat ze onzeker worden over wat hen hier in Spanje te wachten staat als ze ziek worden en daarom toch weer terug naar Nederland gaan. “Ik hoor van Spanjaarden dat de familie voor hen zal zorgen maar wie gaat er voor mij zorgen? Als ik ooit alleen kom te staan ga ik terug naar Nederland, want ik weet zeker dat ik daar omarmd word door liefde.” Ook Jan zou teruggaan naar Nederland. “We hebben daar kinderen en kleinkinderen die we regelmatig bezoeken, maar die hebben wel hun eigen leven. Desondanks willen we in het geval van een progressieve ziekte toch bij hen in de buurt zijn.”

Vooral de zorg in de laatste fase van het leven lijkt voor de deelnemers een belangrijk punt te zijn. Niet iedereen weet wat de mogelijkheden hier zijn op het gebied van verpleeghuizen, mantelzorg en bejaardenhuizen. Sommigen van hen weten wel dat er in Puerto Banús een privé-tehuis zit maar niet dat de overheid ook (gedeeltelijk) gesubsidieerde ‘residencias’ heeft. Elvire en Marjan vertellen over het hospice van Cudeca, waar een gezamenlijke vriendin vrijwilligerswerk doet. Daar kunnen mensen met kanker, omringd door uitstekende zorg, sterven. En dat is dan meteen het volgende onderwerp: het verbod op euthanasie in Spanje. Ook hier blijkt weer dat iedereen al langere tijd hier woont en dus al allerlei situaties heeft meegemaakt. Want ondanks dat de wet het niet toestaat actief een leven te beëindigen wordt er wél medicatie gebruikt die het lijden moet verzachten en waarvan een wat hogere dosis tot de dood lijdt.

Het feit dat je je laatste wensen, het levenstestament, kunt registreren is niet bij iedereen bekend. Een document bij de notaris is in een dergelijke situatie niet het meest praktisch. Bij de Servicio Andaluz de Salud kun je precies vastleggen wat je wel en niet wilt als je stervende bent. Die verklaring kan door artsen van de openbare gezondheidszorg in heel Spanje worden geraadpleegd indien het nodig is. Peter heeft de papieren hiervoor al gedownload maar moet ze nog invullen. Jessica geeft toe dat ze nog nooit echt over al deze dingen heeft nagedacht maar dat naar aanleiding van deze gesprekken zeer zeker zal doen.

Makkelijk huis
Als je ouder wordt bestaat de mogelijkheid dat je niet meer zo makkelijk de trap op kunt of dat je liever dichtbij allerlei voorzieningen wilt wonen. Jan woonde eerst in een buitenwijk van Marbella maar is met het oog op de oude dag verhuisd naar het centrum van de stad. “We hebben een gelijkvloers appartement, op loopafstand van winkels, restaurants en het strand. Heel praktisch in het geval we minder mobiel worden en ook een stuk prettiger om sociale contacten te onderhouden. Omringd zijn door mensen voorkomt eenzaamheid.” Het huis van Peter is dan wel gelijkvloers maar er zit een behoorlijk stuk land bij. Er gaat veel tijd en energie in het onderhoud zitten en hij twijfelt of dat in de toekomst nog allemaal bij te houden is. Jessica heeft onlangs een townhouse gekocht. “Daar zitten wel trappen in, maar we hebben het gekocht als een investering voor ons pensioen. In de toekomst kunnen we het gaan verhuren.”

En een testament?
Zowel Elvire als Jessica hebben geen testament, het staat nog wel op hun lijstje om dat op te laten stellen. Kees vertelt dat hij allerlei andere dingen nog niet echt heeft geregeld want “we zijn zo met de dagelijkse routine bezig dat we geen tijd hebben genomen om over deze aspecten van de toekomst na te denken”. Maar een testament hebben hij en Rogier wel laten vastleggen. Zowel Peter als Mieke en Jan hebben ook een testament bij de notaris liggen. Er worden nog even wat tips uitgewisseld over het opstellen van een testament in twee talen en volgens het Spaans of Nederlands recht voordat iedereen afscheid van elkaar neemt. En bij dat afscheid valt op dat iedereen het heel bijzonder vond om met onbekenden openhartig over dit onderwerp te hebben gesproken: handen worden wat langer vastgehouden en er worden omhelzingen uitgedeeld.