Montes de Málaga

Montes de Málaga

De zuurstofvoorziening en bescherming tegen overstromingen van Málaga

Tekst en foto’s: Else Beekman

Vanaf hartje Málaga kun je in een kwartier tijd in een totaal andere – en groene- wereld staan. Zo vervang je de benzinegeur van langsrijdende scootertjes op het Plaza de la Merced waar het geboortehuis van Picasso ligt, in een mum van tijd voor die van alleen maar bomen.

Het contrast is is niet alleen groot qua geur. De chaotische en ietwat verpauperd aandoende volkswijk Capuchinos, ten noorden van Málaga’s centrum, loopt vrij plotseling over in een pittoreske, bochtige en sterk stijgende bergweg. Even later ligt Málaga aan je voeten en zie je op een nevelige dag amper de scheiding tussen zee en lucht. De grote containerschepen die wachten op hun tijdsslot om de haven binnen te varen lijken opeens net luciferdoosjes.

El pulmón verde (de groene long) noemt men het natuurpark Montes de Málaga ook wel. Het is een van de kleinste beschermde natuurgebieden van Andalusië met een oppervlak van een kleine 5.000 hectare. De hoogtse punt in dit glooiende en dichtbegroeide gebied is met 1.032 meter de Pico de la Reina. Vanaf de diverse toppen heb je vooral aan het einde van de dag in het ‘gouden uur’ een schitterend zicht richting de ondergaande zon. Als coulissen verschijnen de bergen in verschillende grijstinten met scherpe kartelranden contrasterend met de indigo-blauwe lucht achter het toneel dat wordt gevormd door het dal van de rivier Guadalhorce. Vanaf hier zie je de Sierra de Mijas en daarachter de Sierra de las Nieves.

Ventas

Montes de Málaga ligt tussen de gemeentes Málaga in het zuiden, Colmenar in het noorden en Casabermeja in het noordwesten. Van noord naar zuid stroomt de rivier Guadalmedina richting Málaga om daar ten westen van de haven in de zee uit te monden. Omdat het gebied zo dichtbij de stad ligt, wordt het door veel Malagueños gebruikt als een recreatiepark. En aangezien Malagueños in hun vrije tijd graag langdurig en uitgebreid tafelen, liggen in de Montes erg veel restaurants. De meeste vind je langs de A7000 tussen Málaga en Colmenar. Dit zijn de ventas , Spaans voor herberg of wegrestaurant. Ventas vormen feitelijk de binnenlandse tegenhangers van de chiringuitos aan zee. Hoewel je in ventas gerust een portie calamares fritos kunt bestellen, is de keuze aan vleesgerechten er veel groter dan aan zee. Specialiteiten zijn bijvoorbeeld de plato de los montes: een bord gevuld met lomo (varkensvlees), chorizo, morcilla (bloedworst) geroosterde groene paprika, gebakken eieren en patat. Ook het broodkruimgerecht migas is hier heerlijk. Net als in de meeste chiringuitos gaat in de ventas van Montes de Málaga alle aandacht naar het eten en niet naar uiterlijke opsmuk of overdreven service. Dit vertaalt zich in gerechten van pure, verse en bovenal lokale ingrediënten, heerlijke, malse stukjes vlees en huisgemaakte worsten. Zo zit je dan je vingers af te likken in het lawaai van enthousiast converserende Spanjaarden die wat decibellen boven de schetterende televisie uit proberen te komen. Ondertussen kijk je uit over de in de zon schitterende baai van Málaga achter een zee van groen.

Overstromingen en herbebossing

Het natuurgebied Montes de Málaga is een goed voorbeeld van de controle over de natuurkrachten met middelen die geproduceerd zijn door diezelfde natuur. De begroeide heuvels beschermden van oudsher de stad tegen overstromingen van de Guadalmedina, tot dat na de Reconquista het bos grotendeels werd gekapt en plaatsmaakte voor landbouw en woningen. Lege plekken werden ingenomen door wijngaarden, fruit-, amandel- en olijfboomgaarden. Aan het einde van de 19e en begin 20e eeuw waren er echter ruim twintig grote overstromingen met catastrofale gevolgen voor de stad. Hierop besloot men de bergflanken opnieuw met bomen te beplanten om nieuwe rampspoed te voorkomen.

Recreatie en fauna

In Montes de Málaga is het erg goed wandelen, fietsen of zelfs paardrijden. Het natuurpark is erg overzichtelijk en op het gebied van recreatie is aan alles gedacht. Er zijn twee zones waar gepicknickt en (gratis) gekampeerd kan worden: El Cerrado en El Torrijo. El Cerrado ligt op zeshonderd meter hoogte bij het riviertje de Humaina. Het hotel met dezelfde naam ligt hier dichtbij schilderachtig verscholen tussen kurkeiken en pijnbomen in een rustiek, groen dalletje. Het restaurant is ook open voor niet-hotelgasten en heeft een ruim, sfeervol terras. In de nabije omgeving zijn vijf door de Junta de Andalucía uitgezette, niet al te moeilijke wandelroutes. Veel routes gaan over bestaande boswegen en zijn dus ook goed te fietsen. Samen leiden de routes langs alle bijzonderheden van etnografische, cultuurhistorische en natuurlijke aard. De oplettende wandelaar ziet onderweg een hoop interessants. Uit onderzoek van de Junta de Andalucía blijkt dat er 151 diersoorten leven in de Montes de Málaga, waaroner 27 soorten zoogdieren, 95 soorten vogels, 19 soorten reptielen (waaronder de kameleon), 8 soorten amfibieën en 2 soorten vissen. Ook wilde katten, marters, bunzingen, dassen, vossen, wilde zwijnen, konijnen en wezels leven hier samen met een groot aantal soorten roofvogels, waaronder de dwergarend, de sperwer en de slangenarend, adelaar en havik.

Route Sendero de Torrijos

Wij besloten de route Torrijos te lopen. Deze wordt als meest interessante route aangeprezen dankzij een prettige combinatie van natuur en cultuur. Het vertrekpunt is Lagar el Torrijos. In deze oude boerderij ligt een voormalig perslokaal voor druiven. Nu huist er een klein en boeiend ecomuseum dat met de originele apparatuur, ovens en persen inzicht biedt in hoe vroeger op ambachtelijke manier wijn, olijfolie en brood werd gemaakt. Het is open van donderdag tot zondag. Vanaf hier starten overigens ook andere wandel- en fietsroutes. Op alle routes kom je wel een lagar tegen. Dit zijn typische boerderijen en landhuizen uit de 19e eeuw.  Volgens de gemeente Málaga telde het gebied in 1876 in totaal 867 lagares. Nadat in 1879 de druifluis bijna alle wijngaarden van Europa en ook die in de Montes verwoestte, emigreerden veel bewoners naar Amerika en raakte het gebied in verval.

Het eerste deel van onze route leidt omlaag over de ‘Sendero de Torrijos’ langs de beek Arroyo de Choperas. Na een stenen brug dalen we verder af en volgen we een smalle weg naar het andere gedeelte van het recreatieterrein. Hier passeren we de toiletten en gaan verder omlaag met de beek links van ons. Bij de houten brug staat het einde van de route gemarkeerd. Niet voor ons, want wij wandelen nog een stuk door over de bosweg met de beek aan de rechterkant. We wandelen zo’n anderhalve kilometer door een smal en dichtbegroeid dal en komen uit bij wat er over is van Lagar de Santillana. Dit was ooit een van de belangrijkste woningen in de Montes. Ga er vooral niet in, want het gebouw is erg vervallen. Vanaf het pad kun je nog de vrij goed bewaard gebleven oven bewonderen. Vanaf hier kun je terug, maar wij lopen nog even door en na een lichte klim van tien minuten komen we bij uitkijkpunt Mirador de Martínez Falero. Deze is vernoemd naar de bosingenieur die in de jaren 30 van de vorige eeuw het herbebossingsproject van de Montes de Málaga ontwierp en leidde. Onderweg zien we voor dit deel van Spanje typische palmitos (kleine, lage palmboompjes), steen- en kurkeiken, olijf- en amandelbomen, populieren, pijnbomen en andere dennen.

Met de auto

Ook vanuit de auto kun je op een regenachtige dag gecombineerd met lunch in een van de ventas een goede indruk krijgen van het park. De weg van Málaga naar Colmenar leidt in feite langs de rand van het park maar is desondanks erg mooi. Op sommige stukken van de route zie je in het oosten een groot deel van de Axarquía liggen en onder meer het dorp Cómpeta als wit vlekje op een berghelling. Bij de fontein ‘Fuente de la Reina’, vind je de gelijknamige, zeer authentieke bar met heerlijk eten. Hier gaat een bosweg linksaf het park in. Vele bochten, schilderachtige plekken en een opvallende stilte later, kom je uit op de A7200 bij de ventas El Boticario en El Mijeño. Hier vandaan kun je de hoofdweg volgen richting Colmenar. In het park liggen vier uitkijkpunten: El Cochino, Palomar, de al genoemde Martínez Falero en Pocopán. Alleen El Cochino is bereikbaar per auto.

Praktisch

De ventas liggen aan de weg van Málaga naar Colmenar, de ‘Carretera de Los Montes’ (A7000):

  • Venta de Los Tres Cincos, km 4,75, (lostrescincos.com)
  • Vena del Boticario, km 6,7, 952251772 (geen website)
  • Venta del Mijeño, km 6,7, (elmijeño.com)
  • Venta Carlos del Mirador, km 8,2, (ventacarlosdelmirador.es)
  • Venta Fuente de la Reina, km 15,3 (952 11 01 23)

Aula de la Naturaleza ‘Las Contadoras’, Ctra. Málaga – Colmenar (C345) km 564,4. (contadoras.org):

Eco Museum ‘Lagar de Torrijos’, Ctra. Málaga – Colmenar (C345), km 544,3. Tel.: 600 62 00 54. Open op donderdag en vrijdag, zaterdag, zon- en feestdagen open van 10.00 tot 16.00 uur.

Hotel de Montaña Humaina, Ctra. de Colmenar s/n. (hotelhumaina.es).

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


U bent toch geen spambot? * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.