de beklimming van de Pico de la Concha

concha1
concha1

Spectaculair neerkijken op Marbella

Beklimming van de Pico de la Concha

Tekst en foto’s Else Beekman

Van welke kant je Marbella ook benadert, de schelpvormige bergtop domineert altijd het decor van deze badplaats die als een magneet de rijken der aarde aantrekt. Om de ogenschijnlijk kale en grijze rots eens vanuit een ander perspectief te bekijken, besloten we er naartoe te klimmen.

Panorama’s

concha1
concha1

De bijzonderheid van de beklimming van La Concha is niet zozeer de hoogte van ‘slechts’ 1.181 meter, als wel de ligging zo dichtbij de kust. Hierdoor wordt je voortdurend getrakteerd op de mooiste panorama’s op de zee en de kuststrook van Fuengirola helemaal tot aan Manilva. Op Marbella kijk je letterlijk neer. Soms zie je het Atlas-gebergte in Afrika aan de overkant van de grote plas. Af en toe overvalt ons bijna de neiging een duik in de zee te nemen, zo dichtbij lijkt die. Je kunt La Concha bedwingen vanaf Marbella zelf, vanaf Refugio de Juanar bij Ojén of vanaf het witte bergdorpje Istán. Wij voor de korste route: vanaf het hotel Refugio el Juanar. Dit diende ooit als jachtslot en Charles de Gaulle schijnt hier nog in alle rust aan zijn memoires te hebben gewerkt. De route vanaf de Refugio is twaalf kilometer, zes heen en zes terug. Wij deden er inclusief alle stops ongeveer zeven uur over. Het hoogteverschil op de route is iets meer dan zeshonderd meter. Iedereen die over een normale, gezonde conditie en schoenen met een goed profiel beschikt, kan deze beklimming aan. Met hoogtevrees is dit echter geen ideale route. Vlakbij de top loop je namelijk een stuk over een bergkam met aan weerszijden behoorlijk steil aflopende ravijnen. Op twee plekken zijn zelfs kettingen bevestigd om je veilige aankomst te garanderen. Het is verstandig de route niet alleen te lopen. Zorg dat je voldoende water bij je hebt, want dat vind je onderweg nergens en kies het liefst een dag uit met onbewolkt en stabiel weer.

Het begin

hiking
hiking

Je bereikt Hotel Refugio el Juanar door vanaf Marbella over de A-7103 naar Ojén te rijden. Een stuk voorbij Ojén staat het aangegeven op een bruin bord. Je volgt dat linksaf de A-355 op en rijd ongeveer tien minuten door naar boven tot je het hotel in een dichtbegroeid kastanjebos ziet liggen. Parkeer je auto bij het hotel langs de kant van de weg of rijd als het niet druk is verder door naar boven tot aan het hek waar je je auto parkeert. Hier begint de wandeling. Het eerste stuk van de route leidt over een onverharde weg door een idyllische vallei met rode aarde waartegen de zilvergroene kruinen van de olijfbomen mooi afsteken. Er omheen veel donkergroen van dennebomen tegen grijs gemeleerde berghellingen. Als je deze weg tot het einde toe zou volgen, kom je na ongeveer een half uur uit bij het uitkijkpunt Mirador Macho Montés met een mooi zicht op Marbella. Vanaf daar kun je ook afdalen naar Marbella. De route naar de mirador is vooral op zondagmiddag vaak erg druk. Wij slaan nu echter voor een vervallen gebouwtje rechtsaf en volgen de borden die Pico la Concha aangeven. Niet snel daarna belanden we in een bos met hoge dennebomen. Het is nog vroeg en dat levert een mooi schouwspel op van zonnestralen die spelen met de dauw van de vochtige bosgrond die nog tussen de stammen hangt. Het ruikt er heerlijk.

Lood

Na het bos aan de noordkant van de bergtop Cruz de Juanar (1.178 m) die je ook kunt beklimmen, maar die wij links laten liggen, volgt al snel het eerste fraaie zicht op zee en de kust. Met een verrekijker speuren we naar bekende plekjes. We zien duidelijk de vissershaven La Bajadilla met ervoor in de zee de Torre el Cable. Dit is de laatste nog overgebleven herinnering aan de ooit bloeiende mijnindustrie in Marbella rond de vorige eeuwwisseling. Vanuit de mijn in de Sierra Blanca werden grote hoeveelheden lood via een kabelbaan naar de toren in zee getransporteerd waar schepen lagen te wachten om het mineraal te vervoeren naar onder meer de ijzerwarenfabrieken in Málaga en andere steden in Spanje. Het panorama aan de andere kant in het binnenland mag er ook zijn. We zien de top van de Torrecilla, die met 1.919 meter de op één na hoogste berg van de provincie Málaga is. De hoogste is La Maroma met 2.069 meter. Deze ligt meer oostwaarts in de streek La Axarquía in de Sierra Tejeda, Almijara y Alhama. De Sierra Blanca waar wij nu zijn wordt omsloten door Monda in het noorden, Ojén in het oosten, Marbella in het zuiden en Istán in het westen. De bergketen behoort tot het biosfeerreservaat Sierra de las Nieves, maar valt net buiten de grens van het beschermde natuurpark Sierra de las Nieves. Iets verder op de route zien we het dorpje Istán naast het donkerblauwe water van het stuwmeer Embalce de la Concepción. Dit is de drinkwatervoorziening van de elf kustgemeenten: Torremolinos, Benalmádena, Mijas, Fuengirola, Marbella, Ojén, Istán, Benahavís, Manilva, Casares en Estepona. Opvallend afwezig is de deprimerende bruingele rand die duidt op grote droogte en die zo kenmerkend is voor stuwmeren in het zuiden van Spanje. In februari bereikte dit meer dankzij de grote hoeveelheden neerslag de afgelopen winter al zijn maximale capaciteit. Er moest zelfs water uit.

Bergschoenen

We wandelen verder over een vlakte. Het is hier minder groen en we moeten een hoogteverschil van ruim tweehonderd meter overbruggen. Naast de oogstrelende  panorama’s zien we hier vooral lichtgrijsgekleurde rotsen, struiken en stenen en af en toe een roofvogel hoog boven ons in de lucht en één keer in de verte een schichtig wegvluchtende steenbok. Ons volgende doel is de Salto del Lobo (de sprong van de wolf). Nu wordt het echt uitdagend. De ketting die hier aan de rotsen bevestigd is, ziet er nog verdacht nieuw uit. We voelen ons gelijk een stuk zekerder boven het enigszins imponerende ravijn eronder en zijn blij met onze degelijke bergschoenen, die eerder op de route wat overdreven leken toen we werden ingehaald door druk kwebbelende adolescenten op sneakers. Het pad is niet overal even duidelijk meer te zien, dus lopen we een beetje onze neus achterna en koersen op de volgende berg af. De Lastonar is met 1.270 meter de hoogste piek van de Sierra Blanca. Onze route loopt zuidelijk van deze piek. We moeten goed opletten, want af en toe duidt slechts een pyramidevormig stapeltje stenen in dezelfde kleur als het pad op de route die we moeten volgen. Voor dit gedeelte van de route is helder weer wel een fijne bijkomstigheid. We kunnen ons goed voorstellen hoe het is om hier in de mist te lopen.

Bankje

Een stukje verder krijgen we eindelijk ons einddoel in het vizier. La Concha ziet er vanaf hier niet uit als de schelp waarnaar hij is vernoemd. We blijven zo dicht mogelijk bij de bergkam om niet teveel hoogte te verliezen. Door de losliggende stenen en gruis is oplettendheid hier wel geboden. Eerst passeren we nog het gevaarlijkste stuk van de route: El Escalon (de stap) bovenaan de kloof Calaña. Gelukkig hangt hier ook sinds kort een ketting, zodat we rustig onze weg kunnen vervolgen om eindelijk de top te bereiken, waar zowaar een bankje staat. Dit is bezet, maar later zien we dat het gaat om een ‘banco solidario’. Die is eerder dit jaar door een groep brandweerlieden en vrijwilligers uit Marbella naar de top gedragen. De Stichting Debra wil hiermee bewustzijn creëren voor vlinderkinderen en mensen met de huidziekte Epidermolysis Bullosa (EB). Wat ons betreft is het vanaf nu sowieso het bankje met het mooiste uitzicht van Spanje. Dankbaar rusten we er uit en genieten van onze lunch. Beneden ons zien we het stuwmeer temidden van opvallend veel groen voor dit gedeelte van Spanje. De toppen van de Sierra de las Nieves aan de ene kant en de eindeloze bebouwing van de drukke kust aan de andere kant. De lucht is van het typische Andalusische staalblauw, de bergtop waarop we zitten is grijsbruin en de zon in de zee verblindt ons bijna. De schittering op het water wordt hier en daar enkel doorbroken door een vracht- of cruiseschip. In de verte liggen de Zuilen van Hercules en we kijken zo door de Straat van Gibraltar heen naar de Atlantische Oceaan. Wat een kado! Alleen al voor dit uitzicht is deze wandeling een must! Er zijn ook wandelaars die een nachtje op de top blijven slapen om vanaf de bevoorrechte locatie de zon onder te zien gaan en te genieten van het spel van de miljoenen lichtjes van de Costa del Sol in combinatie met een heldere sterrenhemel. Aan alles komt helaas een eind en wij keren terug. Beneden belonen we onszelf op een wijntje op het lommerijke terras van Refugio del Juanar.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


U bent toch geen spambot? * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.