Belgische belastingsvrijstelling op spaardeposito’s in strijd met EU-recht!

Ivan Cools
Ivan Cools

Belgische belastingvrijstelling op spaardeposito’s in strijd met EU-recht.

Eindelijk is het zover, 8 juni 2017 mag door wie inwoner is van België en buitenlandse spaarrente geniet, bijvoorbeeld van een Spaanse spaarrekening, aangemerkt worden als een heuglijke dag. Het Hof van Justitie van de EU heeft immers geoordeeld dat de Belgische belastingvrijstelling op spaardeposito’s in strijd is met het EU-recht. Uitgezonderd België kent namelijk geen enkele andere lidstaat van de EER een regeling inzake spaardeposito’s die voldoet aan de voorwaarden die België aan de spaardeposito’s stelt.

 

Waarover gaat het ?

Wie spaart, mag daarbij in België rekenen op een ruggensteuntje van de fiscus. Maar er zijn wel voorwaarden. Er is een eerste schijf aan intresten op een gewone spaarrekening die vrijgesteld is van roerende voorheffing. Voor 2017 gaat het om 1.880 euro. Dat fiscaal voordeel geldt per persoon. Zodra u met de spaarrente van een bepaalde spaarrekening boven het vrijgestelde bedrag uitkomt, zal uw Belgische bank 15 % roerende voorheffing inhouden op het rentegedeelte dat boven de vrijstelling uitkomt. Wanneer u uw spaargeld over diverse spaarrekeningen bij verschillende banken spreidt, en erop let dat u met de renten nergens boven het vrijgestelde bedrag uitkomt, ontsnapt u aan de roerende voorheffing. Zelfs al komt u met al uw renten samen wel aan een hoger bedrag. Het is dan aan u als belastingplichtige om dat via uw jaarlijkse belastingaangifte aan de Belgische fiscus te laten weten, en u zult dan op de aangegeven renten worden belast tegen 15 %, plus de gemeentelijke opcentiemen.

 

Vrijstelling niet voor buitenlandse spaarrenten

Wanneer u spaarrente geniet van een buiten België gevestigde spaarrekening, bijvoorbeeld een spaarrekening in Spanje, dan geldt de vrijstellingsgrens van 1.880 euro niet. Zo houdt mevrouw Anna Pot als inwoonster van België spaarrekeningen aan bij financiële instellingen die niet in België zijn gevestigd, en verzoekt om toepassing van een belastingvrijstelling op spaardeposito’s. Volgens de Belgische fiscus heeft Pot echter geen recht op de belastingvrijstelling, omdat de financiële instellingen niet kunnen aantonen dat de spaarrekeningen voldoen aan gelijkaardige voorwaarden die gelden voor de Belgische gereglementeerde spaardeposito’s. De Belgische rechter stelt een prejudiciële vraag in deze zaak.

 

Hof van Justitie van de EU

Het Hof van Justitie van de EU oordeelt daarover nu in haar arrest van 8 juni 2017 (zaak C-580/15) dat de Belgische belastingvrijstelling op spaardeposito’s in strijd is met het EU-recht. Dit geldt voor zover de toegang van in andere lidstaten gevestigde dienstverrichters tot de Belgische bankenmarkt aan voorwaarden wordt onderworpen. Het Hof merkt daarbij op dat daarbij niet van belang is dat de belastingvrijstelling zonder onderscheid geldt voor inkomsten uit spaardeposito’s bij aanbieders van bankdiensten die in België zijn gevestigd of in een andere lidstaat van de EER. Uitgezonderd België kent namelijk geen enkele andere EER-lidstaat een regeling inzake spaardeposito’s die voldoet aan de voorwaarden die België aan de spaardeposito’s stelt.

 

En wat doet Nederland?

Nederland kent geen vergelijkbare roerende inkomstenbelasting als België. Woont u in Nederland en houdt u een spaarrekening aan in Spanje, waarover spaarrente wordt genoten, dan dient u deze niet op te geven in Nederland. Wél kent Nederland een zogenaamde vermogensrendementsheffing (box 3-heffing). Tot en met 2016 berekende de Nederlandse fiscus een fictief rendement van 4 % over uw vermogen. Over deze 4 % betaalde u 30 % inkomstenbelasting. U betaalde dus uiteindelijk 1,2 % belasting over uw vermogen. Echter met ingang van 2017 is de berekeningswijze gewijzigd. Er zijn nu 3 schijven voor het berekenen van het fictief rendement. De eerste schijf loopt tot 75.000 euro, de tweede tot 975.000 euro en de derde over het meerdere. Over het berekende fictieve rendement betaalt u 30% inkomstenbelasting.

 

Hoe stelt Nederland dan vrij ?

Conform de hierboven weergegeven schijven berekent Nederland dus vermogensrendementsheffing. De eerste schrijf van 25.000 euro aan vermogen is per belastingplichtige vrijgesteld. Kortom, hebt u niet meer dan 25.000 euro aan vermogen, dan betaalt u niets. Maar wat wanneer u bijvoorbeeld 25.000 euro vermogen aanhoudt in Nederland en nog eens 75.000 euro in Spanje? Zoals gezegd zal Nederland niet heffen over de in Spanje genoten spaarrente, echter in de aangifte inkomstenbelasting dient wel een totaal vermogen van 100.000 euro te worden vermeld. Of het vermogen dus binnen of buiten Nederland wordt aangehouden, heeft dus geen effect. De vrijstellingsgrens van 25.000 euro blijft gerespecteerd.

 

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


U bent toch geen spambot? * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.